De zorg is in paniek, dat lezen we allemaal

Gepubliceerd op
Leestijd 4 minuten

Maar wat is nou het probleem áchter het probleem? En hoe ziet de oplossing eruit? In onze columnreeks ‘Operatie Nieuw Welzijn’ werpt Dytter-oprichter André elk kwartaal een scherpe blik op de zorg en de stand van zaken rond de revolutie die wij daarin ontketenen met ons platform Dytter.

De zorg is in paniek, dat lezen we allemaal in het nieuws. Het aantal zorgverleners in loondienst dat overstapte op zzp’en steeg de afgelopen vijf jaar met ruim 56.000. Dat terwijl de zorgkosten stijgen en een blik op de toekomst ons leert dat die kosten tot 2040 weleens zouden kunnen verdubbelen. ‘’Personeelstekort!’’, wordt er geroepen. Of ‘’Zzp’en in de zorg? Afschaffen!’’. Maar dat is te makkelijk. Wat is er nou echt aan de hand?

Bij Dytter doen we marktonderzoek en hebben we contact met talloze mensen die in de zorg werken. Uit dat onderzoek en die gesprekken wordt duidelijk dat zorgverleners te weinig inspraak hebben in waar en wanneer ze werken.

Daarbij komt dat ze geneigd zijn over hun grenzen te gaan als gevolg van peer pressure - ‘’Ach, kan jij écht niet even die twee extra uurtjes naar mevrouw Janssen, het is zó druk!’’ Veel zorgverleners werken in de zorg omdat ze een groot hart hebben. Omdat ze graag voor mensen zorgen. Zet die mensen onder teveel werkdruk en ze gaan uit liefde voor hun werk over hun eigen grenzen heen. En dus gaan ze die twee uurtjes naar Mevrouw Janssen, terwijl ze eigenlijk uitgeblust zijn.

Ze accepteren de ongezonde werkdruk. Dat werkrooster dat niet aansluit op hun leven. Die reisafstanden die niet overeenkomen met waar ze eigenlijk het liefste werken.

In de zorg zeggen ze weleens ‘zorg met liefde’. Maar die liefde geldt maar zelden voor de zorgverlener. In plaats van die liefde moet het allemaal nóg sneller, nóg efficiënter. Nóg meer cliënten in nóg minder tijd. En dat is niet waar zorgverleners zich prettig bij voelen - en cliënten al helemaal niet. Dat is niet waarom ze voor de zorg hebben gekozen. Ze voelen zich opgejaagd, geleefd door hun agenda en daardoor vermoeid in hun werk.

Niet zo gek dus dat steeds meer zorgverleners kiezen voor het zzp’ende leven. Niet voor het geld, zoals het verwijt luidt dat hun toe wordt geslingerd, maar voor de vrijheid en flexibiliteit. Voor de grenzen die ze voortaan kunnen aangeven. Voor de energie die ze overhouden voor de andere belangrijke mensen in hun leven - hallo partner en kinderen.

Dan de kant van de zorgorganisaties. Wat is daar het probleem achter het probleem? Ze hebben afspraken met zorgverzekeraars. Daarin staat dat ze een bepaalde hoeveelheid cliënten helpen. Maar als een deel van hun personeelsbestand verdwijnt als zzp’er en een ander deel besluit om minder te gaan werken - gemiddeld van 29 uur naar 25 uur per week in de Randstad - hoe krijg je dat dan voor elkaar zonder dat je kosten de pan uit rijzen?

"Er staan hele legers van liefdevolle mensen klaar die als zorgverlener in loondienst, zelfstandig zorgverlener of als vrijwilliger bereid zijn om goede zorg te leveren. Wanneer gaan we daar wat mee doen?"

André, de bedenker en oprichter van Dytter

Niet alleen stijgen hun kosten voor het extern inhuren van mensen en het inwerken van die mensen. Ook het delen van informatie tussen zorgverleners in loondienst en extern ingehuurden kost steeds meer tijd en geld - en dus kost het zorgen voor cliënten óók meer tijd en geld.

Het gevolg? Cliënten krijgen minder aandacht en de geldpot raakt leeg. Paniek in de tent. Dat is het moment waarop zorgorganisaties beginnen te experimenteren met steeds weer nieuwe manieren van organiseren, inplannen en werken. Ze huren allerlei dure externe adviseurs in. Maar verandert er echt iets? Nee. Die investeringen vertalingen zich niet naar efficiëntere zorg, maar nóg legere geldpotten. Veel mensen in de zorg zijn daar moe van - het is niet uitzonderlijk dat je in sommige periodes een verzuimpercentage van 18% ziet in de zorg.

Maar wat is dan de oplossing?

Nou, het terugwinnen van die weggelopen uren. Die 25 uur per week moet weer naar 30. Zo heb je meer handen aan het bed - dat is uiteindelijk het enige wat telt. Hoe je dat voor elkaar krijgt? Door te luisteren naar al die zorgverleners die loondienst verruilen voor zzp’en. Goed werkgeverschap dus. Inspraak voor zorgverleners rond waar en wanneer ze werken. Waardering voor wat ze doen, dag in dag uit. En ze laten meedenken over manieren om de keuzevrijheid die ze zo graag willen, mogelijk te maken.

Zo behandel je je zorgverleners in loondienst zoals zzp’ers graag werken. Zo neem je de reden weg om te gaan zzp’en en laat je zien dat 30 uur per week werken kán. Zonder over je grenzen te gaan.

Nog een oplossing voor zorgorganisaties: sta hybride werken toe. Laat je zorgverleners een deel in loondienst werken en een ander deel als zzp’er. Bijvoorbeeld 24 uur in loondienst bij jou en een paar uurtjes als zzp’er bij een andere zorgorganisatie. Zo verhogen we de zorgcapaciteit. Zo komen we zorgverleners qua flexibiliteit tegemoet. En zo ontnemen we zorgverleners de drang om volledig uit dienst te treden doordat hun werkleven niet meer te combineren valt met hun privéleven.

Koepelorganisatie De Rotterdamse Zorg experimenteert daar al mee - we moeten wel, is daar de gedachte. Een goede gedachte, wat mij betreft. Want waarom zouden we al die zorgverleners, in loondienst, als zzp’er en als vrijwilliger, niet slimmer verdelen om zo het tekort op te lossen?

Er is wel één grote maar. Het systeem moet meewerken. Want zolang de Belastingdienst het niet mogelijk maakt om naast de loondiensturen nog een paar uurtjes te zzp’en, zijn dat soort oplossingen onmogelijk. Zolang de Belastingdienst het de talloze vrijwilligers in de zorg onmogelijk maakt om een kleine belastingvrije vergoeding te krijgen voor hun mooie werk, houden we het personeelstekort actief in stand.

Conclusie: zorgorganisaties kunnen een kans pakken door beter te luisteren naar de wensen van hun zorgverleners. Aan ministeries de taak om met een gezamenlijk plan te komen om de verschillende bronnen, van zorgverleners in loondienst tot zzp’ers en vrijwilligers, slimmer te benutten. En de Belastingdienst? Die kan doen waar ze goed in is: het mogelijk maken van die plannen door eerlijke, gerichte belastingen te heffen - en dat niet te doen waar dat niet handig is.

Er staan hele legers van liefdevolle mensen klaar die als zorgverlener in loondienst, zelfstandig zorgverlener of als vrijwilliger bereid zijn om goede zorg te leveren. Wanneer gaan we daar wat mee doen?


Blijf op de hoogte van de revolutie.
Wil jij als eerste de volgende column uit de reeks "Operatie Nieuw Welzijn" lezen en ieder kwartaal een mail ontvangen met de nieuwste column? Laat je gegevens achter via onderstaand formulier en kies voor zorgorganisaties.